Manons werk gaat over verplaatsen en vervangen, als een manier om
iets zichtbaar te maken van datgene waar de dingen om ons heen voor
staan. Het gaat over voorwerpen die zijn gevonden en verzameld of
weggegeven en doorgegeven. Ze verwijzen naar personen, plekken of
gebeurtenissen, die aan hun alledaagse verschijningsvorm meestal niet
af te lezen zijn.
Van de lepels, borden en kommen, tafelkleden en servetten, zijn delen
verplaatst of vervangen. De ruimte die hierdoor is ontstaan kan opnieuw
worden ingevuld.
De lepelachtige vorm beschrijft de ruimte die een lepel op tafel inneemt.
De ‘halve theelepel’ uit het kookboek wordt tot een hele
gespiegeld. Vismessen krijgen schubben en eierlepels zijn met hun
ei vergroeid. Een aantal zilveren sieraden kunnen als een puzzel worden
uitgelegd, maar gedragen vallen de delen als een trosje samen en blijft
de originele vorm slechts als herinnering over.
Paul Derrez
terug
|